Leerlingen begeleiden op een leerplein (2)
Titel
Leerlingen begeleiden op een leerplein (2)

Niveau
Voorbereiding LIO bekwaamheid

Gekoppeld aan OWE en/of beroepstaak
Lesgeven en trainen

Competenties
1. Interpersoonlijk
2. Pedagogisch

Ontwerper/ontwerpgroep
Notre Dame des Anges, Pax Christi College en Maaswaal College

StudieBelastingsUren
10

Relevantie/kader
Als docent moet je in staat zijn leerlingen te begeleiden bij het leren in verschillende situaties. Dat betekent weten wat te doen, weten waarom je dat doet, en dat ook kunnen doen. Op de junior locaties van het Pax Christi College en de VMBO-locaties van het Maaswaal College is een leerplein aanwezig waar leerlingen individueel of in groepjes werken, ondersteund door een docent of onderwijsassistent. Doel van deze opdracht is om te werken aan je bekwaamheid om leerlingen op het leerplein te begeleiden.

Geschikt voor welke vakken
 

Omschrijving/instructie

Observeer een les van je SPD op het leerplein, en kies op basis daarvan deelcompetenties die wilt laten zien en die je wilt trainen. Assisteer vervolgens je SPD drie keer bij een les op het leerplein, waarbij je telkens je bekwaamheid evalueert en je doelen voor de volgende les bijstelt.

-           Neem de kaartjes van de Bardo-Kit voor competenties (1) en (2) door, zodat je een goed beeld hebt van de inhoud ervan.

-           Observeer een les op het leerplein, gegeven door je SPD. Let op momenten waarop je denkt dat een aspect van competentie (1) of (2) een rol speelt. Maak van deze momenten telkens een korte beschrijving van wat er gebeurt, wat de SPD en de leerlingen doen, door middel van steekwoorden.

-           Kies na afloop van de les bij elk door jou beschreven moment een of meer kaartjes voor competenties (1) en (2) uit de Bardo-Kit, die volgens jou van toepassing zijn op wat de SPD daar deed.

-           Bespreek vervolgens de momenten die je beschreven hebt met je SPD. Vraag hem/haar uit te leggen wat er gebeurde, wat hij/zij deed en waarom. Kijk samen of er (nog) andere kaartjes voor competenties (1) en (2) uit de Bardo-Kit van toepassing zijn op wat de SPD op deze momenten deed.

-           Maak een overzicht van de door jou beschreven momenten, de door jou gekozen kaartjes, de uitleg van de SPD erbij, en de toegevoegde of gewijzigde kaartjes op basis van het gesprek met de SPD.

-           Selecteer uit de kaartjes die je nu hebt 2 kaartjes waarvan je denkt dat je deze goed beheerst, en 2 die je nog wilt trainen, omdat je ze nog niet goed beheerst. Onderbouw op basis waarvan je deze inschatting maakt.

-           Overleg met je SPD wat je rol wordt bij het assisteren en/of deels overnemen van een les op het leerplein. Zorg dat je een rol afspreekt waarbij je de door jou gekozen vaardigheden op de kaartjes kunt laten zien en kunt trainen.

-           Bespreek de les na afloop met je SPD, en evalueer met je SPD in hoeverre je hebt laten zien dat je de vaardigheden beheerst. Voeg eventueel op basis van wat er in de les gebeurde kaartjes toe aan je lijst uit stap 5. Schrijf een kort verslag van de uitkomst van deze evaluatie.

-           Volg stap 6, 7 en 8 voor nog twee lessen. (Vervang bij stap 6, op basis van de evaluatie, vaardigheden die je beheerst door nieuwe vaardigheden uit je lijst die je wilt tonen of om te trainen. Geef hierbij weer aan op basis waarvan je deze inschatting maakt. Neem vaardigheden die je nog niet of onvoldoende beheerst en/of meer wilt trainen mee naar de volgende les.)

 

Schrijf tot slot een evaluatie van je vooruitgang op basis van de drie lessen en de evaluaties daarvan.
 
Resultaat
Je eindevaluatie, op basis van de tussenevaluaties. Voeg je verslagen van de tussen-evaluaties, je observatieoverzicht uit stap 5, en de motivering van de keuzes bij de stappen 6 toe als bijlage.

Beoordeling

Je SPD doet de beoordeling van deze leerwerktaak. Hij zij evalueert hierbij:

-           de vooruitgang die je gemaakt hebt op de onderdelen van de twee bekwaamheden;

-           je inzet en werkhouding bij de uitvoering van deze leerwerktaak.