Het is belangrijk dat je als docent een les goed kan opstarten. Bij de
start van een les worden bij leerlingen verwachtingen geschapen over het
verdere verloop van de les, en een goede start is dus belangrijk om een les
goed op gang te krijgen, Een les kan op verschillende manieren beginnen,
bijvoorbeeld gelijk met een inhoudelijke opdracht, eerst met organisatorische
zaken, met stoom afblazen of nog anders. Hoe een les begint, hangt af van de
voorkeur en doelen van de docent en hoe/zij zij de situatie aan het begin
inschat.
Bekijk gedurende een lesdag drie starten van lessen bij twee docenten (observeer
maximaal 10 minuten) en bepaal de verschillen en overeenkomsten. Bespreek de
verschillen en overeenkomsten van de starten van de lessen met je SPD en met de
betreffende docent mits hij er zelf om vraagt. Ga in ieder geval in op de
volgende aspecten:
o Waar staat de docent?
o Wat zijn de doelen en de
inhouden van starten van de les?
o Wat zijn de reacties van
de leerlingen tijdens de starten van de lessen? (zowel verbaal als
non-verbaal).
o Gebruikt de docent een
aandachtsrichter?
- Bespreek de verschillen
en overeenkomsten tussen de starten van de les met je SPD. Wat heb je gezien in
de klas en wat komt terug in de literatuur?
Je verslag wordt beoordeeld door je SPD. Hij/zij let hierbij vooral op:
• de motivatie voor de keuze
voor een bepaalde start van een les,
